De bussen naar de stad zitten weer bommetje vol als rood, wit en gele sardientjes in een blik en de lucht ruikt naar Jean Paul Gaultier, Darak Noir en gebakken ei. Het is onmiskenbaar, de carnaval is weer begonnen.
Zelfs op de donderdag was het al weer een drukte van jewelste in de stad. Veel mensen kunnen zich de drukte van vorig jaar nog herinneren, dus nemen het een er al een dagje eerder van. Ik zelf ben op de vrijdag het feestgedruis ingedoken en vanaf zaterdag heeft Chris zich aangesloten.
De zaterdag van de carnaval begint standaard bij ons met een “ontbijt” van worstenbroodjes en een biertje. Voor de Hollanders onder ons, ik kwam er dit jaar pas achter dat worstenbroodjes buiten Brabant niet overal in de winkel liggen, maar heb ‘t wel met jullie te doen. Wat een gemis.
Nou genieten we natuurlijk enorm van een nog kinderloze carnaval. Vooral de ochtenden zijn net wat fijner zonder de geur van een volle luier of ver opgespuwde melk op je jasje, maar we kunnen het niet helpen om toch in halve zwijm te vallen bij elk klein oetel-mupke wat voorbij komt. Heerlijk mee in de draagzak of bij papa op de schouder.
Met kinderen is carnaval straks heel anders en dat realiseren we ons maar al te goed. Het was daarom maar al te leuk dat we, op zoek naar een buitenbar, per toeval op een pleintje belande vol met jonge oudere en hun kids. Er zijn natuurlijk genoeg binnen locaties voor kinderen met springkussens, kinder carnaval muziek en Bavaria (lees: Bah-varia) op de tap, maar dit zag er toch wel een stuk gezelliger.
Zelfs zonder kinderen zijn wij (als echte binnen vierders) daar nog een aantal biertjes blijven hangen. Met een beetje geluk hebben we volgend jaar weer een reden om daar, wel met een extra thermoshirt aan weer te blijven hangen. Tenminste tot het na een paar biertjes al onmiskenbaar te ruiken is dat er iemand thuis een schone luier nodig heeft. Ja carnaval gaat heel anders zijn, maar wat kijken we er nu al naar uit!